Column

Titel: Hulpvaardige growshop als criminele organisatie

Geschreven door: André Beckers

Het exploiteren van een growshop gaat soms niet bepaald over rozen. Wat zijn bijvoorbeeld de risico’s als je als ondernemer je klanten te hulp schiet als ze niet goed weten hoe ze moeten kweken? Een recent voorbeeld maakt duidelijk dat je als hulpvaardige growshophouder in strafrechtelijk opzicht in de problemen kunt komen.
Bij de start van de onderneming verscheen een lovend artikel in dit blad. “In deze growshop beschikt men over een eigen timmerman en elektricien, die desgewenst kunnen helpen bij het bouwen van een kweekhok”, zo werd gemeld. De politie toonde veel interesse voor de ondernemers van deze growshop. Dit kwam omdat de politie al voordat de growshop werd geopend van een anoniem gebleven informant had vernomen dat één van de eigenaren zou handelen in XTC-pillen. Deze informatie vormde reden genoeg voor het afluisteren van zijn telefoonaansluitingen, het volgen van zijn personenauto en het plaatsen van een video-camera voor zijn woning. Na zo’n negen maanden constateerde de politie dat de man niet handelde in harddrugs. Wel had men tijdens het onderzoek geconstateerd, dat hij vanuit zijn growshop met zijn compagnon niet alleen kweekapparatuur, maar ook hennepstekken verkocht. Ook werd aan de hand van afgeluisterde telefoongesprekken en stelselmatige observatie-acties duidelijk dat de growshop klanten desgevraagd hielp bij het bouwen van kweekinrichtingen. Klanten belden over de afgeluisterde telefoonlijnen met vragen over hun planten. “Zeg, mijn bladeren worden wat bruin, terwijl het nu pas de vijfde week van de bloei is, wat moet ik daar tegen doen?” Deze klanten werden elk moment van de dag telefonisch adequaat geadviseerd. Omdat deze klanten vanuit hun woning belden, was het voor de politie een koud kunstje om vast te stellen waar de kwekerij van de beller zich bevond. Aan de hand van de telefoonaansluiting werd het adres achterhaald.
Tijdens het onderzoek bleek ook dat het vaker voorkwam dat klanten hun opbrengst te koop aanboden aan de eigenaren van de growshop. Deze kochten wiet in en verkochten deze op hun beurt weer door aan derden, waaronder bepaalde coffeeshophouders. Na negen maanden onderzoek beschikte de politie over een omvangrijk dossier. Er werd besloten over te gaan tot aanhouding en tot doorzoeking van zowel het winkelpand waarin de growshop was gevestigd als de woningen van de eigenaren. In de growshop werd de complete bedrijfsvoorraad in beslag genomen en in de woningen al het aanwezige geld en de daar aangetroffen hennep. Daarnaast werden vele adressen van klanten bezocht, waarbij kwekerijen werden aangetroffen en ontmanteld. Bijna al deze bezochte kwekers vertelden de politie – na te zijn geconfronteerd met de afgeluisterde telefoongesprekken – in een mum van tijd in welk bedrijf zij hun apparatuur en hun stekken hadden gekocht. De eigenaren van de growshop werden ingesloten, omdat zij ervan werden verdacht leiding te hebben gegeven aan een criminele organisatie. Deze organisatie had volgens justitie tot oogmerk het overtreden van de Opiumwet door kweekapparatuur en hennepstekken ten behoeve van de productie van wiet te verkopen, vervolgens te helpen bij het kweken van de wiet om daarna de wiet op te kopen en weer door te verkopen. Sommige lezers zullen zich afvragen wat hier nou nieuw aan is. In hoeveel zaken gebeurt dit wel niet? Let wel, of een bepaald verschijnsel nu veel voorkomt of niet zegt op zichzelf niets over de strafwaardigheid ervan. De strafzaak die volgde, werd uiteindelijk door de meervoudige strafkamer behandeld. De eigenaren werd ten laste gelegd dat zij op diverse plaatsen betrokken waren geweest bij de teelt van wiet, dat zij hadden gehandeld in hennepstekken en in wiet en dat zij leiding hadden gegeven aan een criminele organisatie. De officier van justitie eiste een gevangenisstraf voor de duur van 15 maanden, waarvan 5 maanden voorwaardelijk. Tevens werd gevraagd de bedrijfsvoorraad en het geld niet meer terug te geven. De mannen werden schuldig bevonden. De rechtbank ontnam de mannen hun complete bedrijfsvoorraad ter waarde van zo’n 40.000 Euro en hun geld (zo’n 10.000 Euro per persoon). Ook werden zij veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk. Dit vonnis betekende dat de mannen in de gevangenis terecht zouden komen. Op mijn advies werd hoger beroep ingesteld. Het gerechtshof veroordeelde de mannen wederom, maar paste de straf flink aan. De bedrijfsvoorraad kregen zij nog steeds niet terug. Hun geld wel. Naar de gevangenis hoefden zij gelukkig ook niet meer. Zij werden veroordeeld tot het verrichten van een werkstraf voor de duur van 240 uur.

Bezoek ons

Paardestraat 29
6131 HA Sittard
Limburg - Nederland

Contact opnemen

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Tel: +31 (0)46 760 0030
Fax: +31 (0)46 760 0039

Openingstijden

Ma – Vr 09.00 – 17.00 uur
Zaterdag en zondag gesloten
Alle rechten voorbehouden © 2018, Beckers & Bergmans Advocaten
Website beheer en onderhoud LinQxx - Beter online gevonden worden