Column

Titel: Opsporing en vervolging van Nederlanders in Duitsland

Geschreven door: André Beckers

Op 30 april 2005 woonde de in Limburg woonachtige Roger in België een begrafenis bij van zijn onlangs overleden vriend. Toen hij met zijn gezin in bijzijn van de vrouw en kinderen van zijn overleden vriend het kerkhof verliet, werd hij met geweld tegen de grond gewerkt en geboeid en geblinddoekt afgevoerd. Familie en vrienden bleven geschokt achter. Zij kregen te horen dat Roger door de politie was aangehouden.
Pas op weg naar het politiebureau kreeg Roger te horen dat hij door de Belgische politie op verzoek van de Duitse autoriteiten was aangehouden. Hij zou zich in de jaren 1996 tot en met 1999 hebben bezig gehouden met de handel in hasj. Roger dacht aanvankelijk dat het zo’n vaart niet zou lopen. Hij had als Nederlander in Duitsland de Opiumwet niet overtreden. Met die gedachte was het in zijn ogen niet logisch dat de Duitse justitie hem als Nederlander zou willen berechten voor handelingen, die op Nederlandse bodem hebben plaatsgevonden. Wat hij op dat moment nog niet wist, is dat op grond van het Duitse ‘Weltprinzip’ de Nederlander, die op Nederlandse bodem aan een Duitse onderdaan een partij softdrugs aflevert hiervoor in Duitsland kan worden berecht. Bovendien bleek later dat de Duitse justitie stelt dat in ieder geval één internationaal transport in Duitsland zijn aanvang nam en ook dat is reden voor vervolging in Duitsland.
Europees Aanhoudingsbevel
Velen zullen denken dat Roger als Nederlander niet zou zijn aangehouden als hij niet naar België was gereisd. Dat is onjuist. Binnen de Europese Unie (hierna EU) kunnen lidstaten op basis van een Europees Aanhoudingsbevel namelijk op vrij eenvoudige wijze de “overlevering” van een EU ingezetene verzoeken. De Nederlander die in Duitsland wordt gezocht kan op verzoek van de Duitse autoriteiten in ons land worden aangehouden en aan Duitsland worden overgeleverd. Het grote voordeel voor de aangehouden Nederlander is in dat geval dat de Nederlandse Staat uitsluitend een eigen onderdaan overlevert met zogenoemde terugkeergarantie. Dit betekent dat zodra in Duitsland het strafproces is afgerond de eerder overgeleverde Nederlander moet worden teruggeleverd aan de Nederlandse justitie. Op grond van de Wet Overdracht Tenuitvoerlegging Strafvonnissen vindt na terugkeer in Nederland een zogenoemde ‘exequater procedure’ plaats. De rechtbank binnen het arrondissement waar de overgeleverde persoon woonachtig is, behandelt dan opnieuw de zaak. De rechter neemt daarbij de bewezenverklaring van de Duitse rechter onverkort over, maar legt een nieuwe straf op die recht doet aan de Nederlandse wet en praktijk. Zeker in softdrugszaken ligt de strafmaat in Nederland beduidend lager dan in Duitsland. Ter vergelijking; een maximale gevangenisstraf van 4 jaar hier tegen 15 jaar daar! In de regel accepteert de Nederlander met deze wetenschap in Duitsland middels een verkorte procedure zijn veroordeling om maar weer zo snel mogelijk te kunnen terugkeren naar de Nederlandse bodem. De straf wordt hier dan toch gematigd. Het was tot voor kort hierbij gebruikelijk dat de Nederlander in Duitse gevangenschap (‘Untersuchungshaft’) verbleef totdat het strafproces volledig was afgerond.
Daarmee kan overigens lange tijd gemoeid zijn! Op 10 oktober 2005 heeft mijn in Eschweiler gevestigde Duitse collega Norbert Hack het Oberlandesgericht Düsseldorf tot een verrassende uitspraak weten te brengen. Een door Nederland aan Duitsland overgeleverde in Nederland woonachtige verdachte van de Turkse nationaliteit is in afwachting van zijn strafproces in Duitsland op vrije voeten gesteld. De Nederlandse Staat had voor deze geïntegreerde onderdaan terugkeergarantie bedongen, zodat deze man in Nederland geen hoge straf boven het hoofd hing. Onder deze omstandigheden is volgens het Oberlandesgericht Düsseldorf vluchtgevaar niet aannemelijk. De man werd in afwachting van zijn rechtszaak op vrije voeten gesteld. Een prachtige uitspraak die getuigt van wederzijds vertrouwen.
Geen terugkeergarantie
Wat nu met Roger? Voor hem kon geen terugkeergarantie door de Nederlandse Staat worden bedongen, omdat hij op verzoek van de Duitse autoriteiten op Belgische bodem werd aangehouden. België heeft de aangehouden Roger zonder terugkeergarantie overgeleverd aan Duitsland. Van de eerder beschreven procedure is in dit geval geen sprake. Betekent dit nu dat Roger zonder meer zijn volledige straf moet uitzitten in Duitsland? Neen, dat is niet persé het geval. Op basis van het Verdrag Overbrenging Gevonniste personen kan (niet moet!) de Nederlander ook in deze situatie voor het ondergaan van de in Duitsland aan hem opgelegde gevangenisstraf worden overgeleverd aan Nederland. In beginsel dient de straf dan onverkort (dat wil zeggen voor 2/3 deel) ten uitvoer te worden gelegd. Uitsluitend het Gerechtshof te Arnhem is in dit geval bevoegd hiervoor een bindend advies aan de Minister van Justitie af te geven. Omdat in Nederland geen straf kan worden ten uitvoer gelegd die onze Opiumwet niet mogelijk maakt, bestaat in voorkomend geval de bevoegdheid de straf te verlagen tot het Nederlandse strafmaximum. Bij het meerdere malen binnen het grondgebied van Duitsland brengen van softdrugs bedraagt de maximale straf 48 maanden (4 jaar) x 1/3 = 64 maanden. Gelet op het in Duitsland geldende strafmaximum (15 jaar) kan aanpassing naar het Nederlandse strafmaximum voor de veroordeelde uitermate lonend zijn. Hierbij moet direct worden opgemerkt dat de verschillen worden verkleind. Binnen de EU is afgesproken dat Nederland de strafmaat ter zake van de internationale handel in softdrugs dient te verhogen. Er is een wetsvoorstel aanhangig om de maximale gevangenisstraf ter zake van de internationale handel in softdrugs te verhogen van de huidige 4 jaar naar 6 jaar gevangenisstraf. Als iemand meerdere verdovende middelen transporten uitvoert (dus meerdere strafbare feiten pleegt) kan de op het feit gestelde maximale gevangenisstraf met 1/3 worden verhoogd. Zover is het echter nog niet. Ondanks de hiervoor beschreven mogelijkheid ziet het er niet naar uit dat de Duitse autoriteiten bereid zijn Roger aan Nederland over te leveren om hier zijn straf te ondergaan. De verantwoordelijke Staatsanwalt te Trier gaf aan een straf van maximaal 5 jaar en 4 maanden niet acceptabel te vinden. Hij heeft meer een straf van zo’n 10 jaar voor ogen.
Gewacht op internationale reisbeweging
Natuurlijk vraagt Roger zich af of zijn aanhouding in België stom toeval was of dat de Duitse justitie op hem heeft liggen loeren? Uit onderzoek is gebleken dat Roger in ieder geval al in 2002 als verdachte in een Duits onderzoek naar voren kwam. Zijn overlevering is toen door de Duitse autoriteiten bewust niet gevraagd, omdat de door de Nederlandse overheid te bedingen terugkeergarantie ertoe zou leiden dat de uiteindelijke straf in de ogen van de justitie te Trier te laag zou zijn. Er werd om die reden rustig gewacht op een internationale reisbeweging. Eén dag voordat hij naar België zou afreizen, werd in Duitsland een aanhoudingsbevel afgegeven en naar België gestuurd. De beschreven praktijk maakt duidelijk dat Nederlanders tegen wie in Duitsland een ‘Haftbefehl’ is afgegeven zich bij het maken van reisbewegingen over de EU grens dienen te realiseren dat ze als jaagbaar wild fungeren. Dit kan onmogelijk de bedoeling van het Europees Aanhoudingsbevel zijn geweest. In de praktijk blijkt dat in sommige Duitse deelstaten grote weerstand tegen het relatief milde Nederlandse strafklimaat bestaat. Bij een aanpak zoals bij Roger kan de Nederlandse Staat bij de overlevering van een verdachte Nederlander buitenspel worden gezet. Dat kunnen de verdragspartijen onmogelijk voor ogen hebben gehad toen het Europees Aanhoudingsbevel van kracht werd. De Minister van Justitie is gevraagd zich tegen deze praktijk te keren. Het is voor Roger te hopen dat de Minister deze praktijk krachtig veroordeelt.

Bezoek ons

Paardestraat 29
6131 HA Sittard
Limburg - Nederland

Contact opnemen

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Tel: +31 (0)46 760 0030
Fax: +31 (0)46 760 0039

Openingstijden

Ma – Vr 09.00 – 17.00 uur
Zaterdag en zondag gesloten
Alle rechten voorbehouden © 2018, Beckers & Bergmans Advocaten
Website beheer en onderhoud LinQxx - Beter online gevonden worden